» 29 juni 2017

Nu gelegenheid grijpen om hinder vliegveld te beperken

Redactie | 23-03-2017
SCHIEDAM – Schiedam moet gebruikmaken van de ruimte die er is om afspraken te maken over hinderbeperking van vliegverkeer op de Rotterdamse luchthaven. Dat stellen burgemeester en wethouders van Schiedam in een reactie op het advies van 'luchthavenverkenner' Joost Schrijnen en ter voorbereiding van de beraadslagingen in de raad over de uitbouw van de Rotterdamse luchthaven.

“Er moeten vooraf afspraken worden gemaakt over de geluidsruimte die ontstaat door het vertrek van de helikopters, om te voorkomen dat deze ruimte automatisch wordt opgevuld door commerciële vluchten die niet in het profiel van de luchthaven passen”, zo stelt het college. Schrijnen heeft voorgesteld het helikopterverkeer, met name dat van de trauma- en politieheli's, te verplaatsen naar een locatie ten zuiden van Rotterdam. Hieronder ontstaat er op het vliegveld een kwart meer zogenaamde milieuruimte. Die zou goed zijn voor drie tot vier extra bestemmingen vanuit Rotterdam, oftewel 4200 vliegbewegingen. Dus elf à twaalf vliegtuigen per dag.

Zaak is nu om de gelegenheid te baat te nemen. Het uitplaatsen van het helikopterverkeer moet gecombineerd worden met het realiseren van vijf regionale doelen, zo stelt het college. Zoals het vergroten van de economische meerwaarde voor de regio. Verder moet de omgang en communicatie tussen luchthaven en gehinderden verbeteren. B&W staan 'een duurzame dialoog' tussen alle betrokkenen voor, inclusief het ontwikkelen van een actieagenda en het uitwerken van een procesplanning.

In het algemeen, zo constateren B&W, komt het advies van Schrijnen tegemoet aan het standpunt van de gemeente Schiedam, dat de luchthaven alleen binnen de huidige vergunde milieucontouren mag groeien. Het college constateert tevreden dat ook Schrijnen heeft vastgesteld dat er geen draagvlak in de regio is om de zogenaamde milieucontouren van het vliegveld te vergroten. “De groeiscenario's die de luchthaven in mei 2016 presenteerde, gingen nog uit van groei van de bestaande milieucontouren.”

De verkenner ziet volgens B&W wil draagvlak voor groei van commercieel zakelijk verkeer binnen de huidige vergunde milieucontouren.

Maar er zijn haken en ogen: inwoners van Schiedam hebben meer hinder van commerciële lijnvluchten dan van helikopters. Dus het vervangen van helikopters door lijnvluchten vergroot de hinder. Schiedam moet daarom aandringen op een 'serieuze aanpak van de hinderbeperking', aldus B&W. Dat zou moeten door een structurele verlaging van het aantal nachtvluchten. Ook met 'de randen van de nacht' zou secuur moeten worden omgesprongen: het college stelt voor het Eindhovense voorbeeld te volgen en een limiet te stellen aan het aantal vluchten dat tussen tien en elf 's avonds plaats mag vinden. Verder wil het college een extra handhavingspunt in Schiedam, behalve dat op de Kasteelweg. “Extra handhavingspunten voor Schiedam zijn bovenwettelijk, waardoor ze specifiek in het luchthavenbesluit moeten worden opgenomen. Tot op heden heeft het Ministerie van Infrastructuur & Milieu zich evenwel zeer terughoudend opgesteld ten aanzien van bovenwettelijke handhavingspunten.”

Op 4 april bespreekt de Schiedamse gemeenteraad het advies en de reactie van B&W in de commissievergadering. Later komende maand zal in de Bestuurlijke Regiegroep Rotterdam The Hague Airport een standpunt worden ingenomen met betrekking tot de uitgangspunten voor een nieuw luchthavenbesluit dat door de staatssecretaris van I&M zal worden genomen.


« Terug