» 29 juni 2017

Geen gelegenheid tot schelden


Han van der Horst | 18-12-2016
COLUMN - De Stokerij wil een theaterproductie maken, gebaseerd op het gemopper waar wij Schiedammers zo goed in zijn. Daarom worden er begin volgend jaar in de Hof van Spaland spreekuren gehouden, waarop wij allen zijn uitgenodigd zolang we van ons hart maar geen moordkuil maken. Dat wordt vast een prima voorstelling en wij Schiedammers horen naar vermogen een bijdrage te leveren. Maar deze zondag kost dat toch moeite, als ik me herinner wat ik de afgelopen week allemaal tegen het lijf liep. Dan wordt schelden en mopperen een beetje moeilijk.

Donderdag verzeilde ik op een groot gala in een afgeladen Grote Kerk. Daar werd met grote inbreng van de Schiedamse serviceclubs een gigantisch diner dansant georganiseerd om geld bijeen te brengen voor onderzoek naar de afschuwelijke ziekte van Huntington. Er was veel zang, dans en houtblazersspel, want de avond had een jazzy karakter. Kizzy zong en presenteerde. Ze zei nog tegen me: “Jammer eigenlijk dat niemand danst.” Ik opperde dat de mensen toch nog het idee hadden dat zij in een kerk zaten. Daar dansen durfden ze niet, maar ik kreeg tegen het eind van de avond ongelijk. De Tiny Little Bigband – wat ze voor muziek maken ziet en hoort u hier – wist toch publiek de dansvloer op te lokken.

Het was een prachtige avond, een beetje een gala-avond met feestelijk geklede dames en heren, maar toch zonder kijk-mij-eens-geweldig-wezenvolk. Aan het eind van de avond bleek dat de feestgangers 25000 euro bijeengebracht hadden. Dat is nog niet alles. De baromzet was niet meegeteld en er komt nog steeds geld binnen. Frans van Krugten – mede-organisator – verwacht dat de opbrengst uiteindelijk totaal veertigduizend euro zal bedragen. De gasten kwamen uit de hele Rijnmond, de organisatoren waren Schiedammers. Ik noem er eentje: restaurant Pescador dat de catering kennelijk zo goed verzorgde dat de vrijgevigheid van de gasten tot grote hoogte steeg. Dat krijgen we met zijn allen in Schiedam toch maar voor elkaar.

Zaterdag ging ik eens even naar de kunstverkoop in de Havenkerk kijken. Even tot rust komen en zo. Mooi niet. Het leken de drie dwaze dagen van de Bijenkorf wel. Ik werd bijna van de sokken gelopen door gelukkige klanten die met het kunstwerk van hun keuze snel naar buiten liepen alsof zij bang waren dat deze nieuwe schat hen alsnog uit de handen zou worden gerukt. Wie zei ook al weer dat wij in een tijd van cultuurbarbarij leven? Met die drukte in de Havenkerk toonde Schiedam zich van zijn beste kant.

En het was zeker ook in de geest van Alewijn de Groot, een onbekende Schiedammer van grote betekenis aan wie Hans van der Sloot een biografie heeft gewijd, of liever gezegd een boek waarin uitgaande van de figuur Alewijn de Groot een beeld wordt geschetst van het culturele leven in Schiedam van voor en de eerste twintig jaren na de oorlog. Alewijn de Groot – een neef van de bekendere sociaal hervormer M.C.M. de groot – zette zijn grote zakelijke talent in om in het arme Schiedam van de wederopbouw een zeer uitgebreid cultureel leven te stimuleren. Hij tastte daarbij vaak genoeg in zijn eigen rijk gevulde buidel, maar probeerde het toch zo vorm te geven dat die activiteiten zichzelf bedropen. Na zijn dood ging het grootste deel van de nalatenschap naar het Alewijn de Grootfonds, dat culturele activiteiten ondersteunt. Een bijzondere man over wie tot nog toe te weinig bekend was en over wie veel voor altijd onbekend zal blijven omdat hij al zijn persoonlijke papieren heeft verbrand.

Donderdag bleek trouwens dat de geest van Alewijn de Groot nog springlevend was. Anders kun je dat succesvolle benefietgala in de Grote Kerk niet verklaren.

En volgende week is het Kerstmis. Dan ga je ook niet een potje zitten schelden toch.


« Terug