» 14 december 2017

Aart C. de Voogd had hele Schiedamse historie in zijn hoofd

Kor Kegel | 29-11-2017

Gemeentearchivaris drs. Guus van der Feijst overlegt met zijn ‘onwaardeerbare steun’ Aart C. de Voogd van der Straaten; foto: Ton de Haan
SCHIEDAM – Elk dorp, elke buurt heeft bewoners die precies weten in welk jaar die en die kerk werd gebouwd of wanneer een bepaalde school werd geopend en door wie. De stad Schiedam heeft zo’n man ook gekend: Aart C. de Voogd van der Straaten.

Willekeurig voorbeeld: op maandag 27 augustus 1984 belde ik hem over het pand Oude Kerkhof 5, waarover wethouder Chris Zijdeveld had besloten dat het met rijkssubsidie tot zeven wooneenheden kon worden verbouwd. Aart de Voogd van der Straaten zei blij te zijn dat het monument behouden bleef en hij lepelde meteen – en uit zijn hoofd – de hele geschiedenis van het monument op. Dat het in 1756 was ontworpen door stadsbouwmeester Arij van Bol’Es en een jaar later werd gebouwd als ‘stadsbank van lening’, dat er later de Latijnse School kwam die zich in 1895 als gymnasium in het Blaauwhuis vestigde. Dat het gemeentearchief er in dat zelfde jaar zijn intrek nam, maar dat een deel van de Oude Kerkhof 5 woonruimte moest zijn voor de hoofdbode van de gemeente. Dat er in de Eerste Wereldoorlog van hieruit voedselbonnen werden gedistribueerd. Dat het gemeentearchief er bleef tot de stad Schiedam in 1975 het zevenhondigjarig bestaan vierde en dat het archief toen verhuisde naar de Korte Haven 131, waar voordien Gemeentewerken had gezeten. Voor de Waterweg-editie van het Rotterdams Nieuwsblad van dinsdag 28 augustus 1984 kon ik dankbaar – en met bronvermelding – gebruikmaken van de parate kennis van Aart C. de Voogd van der Straaten.

Hij dacht altijd mee. Hij was een wandelende computer toen er nog geen computers waren. Hoe veel hij ook wist van Schiedam, hij is altijd in Rotterdam blijven wonen. Daar is hij zondag op 86-jarige leeftijd overleden.

Het gemeentearchief Schiedam heeft een In Memoriam geplaatst op de website van de gemeente. Geprezen wordt zijn grote historische kennis en zijn persoonlijke betrokkenheid bij de mensen in zijn omgeving. Ik had precies dezelfde ervaring die beschreven wordt. “Wat kommie doen?” Dat vroeg hij ook aan mij in juli 1973, toen ik net begonnen was bij de Schiedamsche Courant. Sommige archiefbezoekers schijnen enigszins afgeschrikt te zijn door die directe benadering, maar als achttienjarige leerling-journalist zag ik de humor in zijn ogen. Hij was niet bruut, allerminst. Hij was meedenkend en een steunpilaar, hij rustte niet tot je wist wat je weten wilde. Dat leverde Aart de Voogd veel eervolle vermeldingen op in tijdschriften, historische studies en dissertaties en ook in het boek ‘De Geschiedenis van Schiedam’ van toenmalig gemeentearchivaris drs. Guus van der Feijst (1926-2012), die over hem sprak als zijn ‘onwaardeerbare steun’. Mogelijk sloeg dat deels terug op de eerste vier jaar van Aart de Voogd bij het gemeentearchief, toen hij er onbezoldigd – als volontair – werkte. Zonder salaris, dus financieel ongewaardeerd. In 1953 kreeg hij de gehoopte aanstelling als archivist.

Op zijn beurt kon Aart de Voogd ook waardering uitspreken voor stevige geschiedvorsing. Op vrijdag 30 oktober 1987 werd in de leeszaal van het archief – zo noemde hij de studiezaal – het boek ‘Schiedams Straatleven’ van Henk Kiela gepresenteerd. Er waren sinds 1960 veel historisch getinte boeken over Schiedam verschenen, maar Henk Kiela had liefst 101 unieke opnamen weten te verzamelen, die zelfs bij het gemeentearchief onbekend waren. “Een prestatie!” schreef Aart de Voogd in het voorwoord.

Aart de Voogd hield nauwkeurig bij welke publicaties er over Schiedam verschenen en ook publicaties waarin Schiedam de revue passeerde. Hij noteerde legaten en schenkingen. Hij reorganiseerde de topografisch-historische atlas van Schiedam en de archiefbibliotheek en hij bereidde de tentoonstelling voor, die in 1950 werd gehouden over het 675-jarig bestaan van de stad Schiedam. Hij ontwikkelde zich tot een allround archiefambtenaar. Hij voerde genealogische en wetenschappelijke correspondentie, maakte verkregen archieven van stichtingen en verenigingen toegankelijk en bracht als fotograaf de stad in beeld. Hij leidde in 1975 de verhuizing van het gemeentearchief van het Oude Kerkhof naar de Korte Haven. Hij was een gezaghebbend lid van de straatnamencommissie, zoals deze toen nog heette.

In 1989 kon hij na veertig archiefjaren met pensioen, maar na het vertrek van drs. Gustaaf van der Feijst in 1987 was er nog geen nieuwe gemeentearchivaris en wilde Aart de Voogd waarnemen – zoals hij dat zo vaak had gedaan. Een nieuwe archivaris kwam er pas in 1994 in de persoon van dr. Charles Jeurgens. Toen vond Aart de Voogd het mooi geweest.

Maar iedereen ging hem missen.



« Terug