IJsvogelkijkers

04-04-2020 Gezond André van Leijen

Paul Meuldijk (ook met toeter?) maakte onlangs deze foto van ijsvogels in Schiedam


COLUMN - Vandaag fietste ik door het volkstuinencomplex Vijfsluizen. Grote gele borden geven aan dat je afstand moet houden: 1,5 meter. In zwarte letters. Zwart en geel is een goede combinatie. Het doet denken aan wespen. Gevaar! Andere borden geven aan, dat je met niet meer dan vier personen in je tuin mag. 'Corona' staat er voor de duidelijkheid boven. Het gevaar hangt overal in de lucht.

Iedereen weet het. Iedereen loopt met een wijde boog om iedereen heen. Alsof de ander een wandelende Coronakolonie is. Nergens zie je meer dan vier personen in de volkstuinen. Keurig.

Maar als ik even later langs de Poldervaart fiets, verandert het beeld. Er is een party gaande. In de gauwigheid tel ik veertien personen die op een oppervlak van een volkstuintje zich staan te vergapen aan iets wat zich achter een rieten wand bevindt. Achter de wand ligt namelijk een omgevallen boom en de onderkant van die boom hebben twee ijsvogels uitverkoren tot hun nestelplaats.

IJsvogelkijkers. Ze hebben op hun camera’s teletoeters gemonteerd van fallische afmetingen. Zeker veertig centimeter. Ze lopen er hanig mee rond, de toeters recht vooruit vanuit de buik. Als twee ijsvogelkijkers elkaar ontmoeten, dan is de onderlinge afstand twee maal een teletoeter: tachtig centimeter. Jammer genoeg is dat nog zeventig centimeter te kort voor een veilige anderhalve meter.

Zou het immuunsysteem van een ijsvogelkijker anders werken dan van een normaal mens, vraag ik me af. Zijn die automatisch beschermd tegen kwaadaardige virussen? Moeten we niet allemaal ijsvogelkijkers worden?

En wat zouden die ijsvogels aan de andere kant van de rieten wand ervan vinden? Zouden ze het een gezellige drukte vinden daar aan de overkant? Of zouden ze denken: stelletje uilskuikens?



Gerelateerd