Cees Collignon, steunpilaar van de samenleving (1944-2018)

29-07-2018 Nieuws Han van der Horst


IN MEMORIAM - Het was druk op de Beukenhof waar ik me donderdagmiddag had vervoegd om afscheid te nemen van mijn bovenbuurman Cees Collignon. Behalve de familie waren er veel ex-collega´s gekomen van de gemeentelijke plantsoenendienst. Ook waren tal van volkstuinders uit Klein Babberspolder aanwezig. Het werd een korte maar ontroerende bijeenkomst. Toen ik er later in de stad over vertelde, was de reactie vaak herkenning. ¨Wat, is Cees ook al overleden?¨ Cees Collignon was op een bepaalde manier best een bekende Schiedammer.

Hij deed zijn werk dan ook in het openbaar. Lang stond er achter ons flatgebouw een enorme wilg, die Cees meer dan veertig jaar geleden met eigen handen had geplant. Decennia lang was hij met een groep collega´s verantwoordelijk voor het onderhoud van het gemeentelijk geboomte en het openbaar struikgewas. Cees deed dat werk met veel liefde en grote overtuiging. Na zijn pensionering (¨Ik ben klaar¨, noemde Cees dat) besteedde hij het grootste deel van zijn tijd aan zijn eigen volkstuin en aan hulp aan iedereen die vroeg hem met zijn hoveniersvaardigheden bij te staan. Cees was een man van weinig woorden maar van veel concrete daden, de hele dag door.

Hij werd geboren op 29 oktober 1944, net voor het begin van de hongerwinter. De Collignons vormden een degelijke katholieke familie waarin hard werken een tweede natuur was en doorleren niet. Dat gold nog voor de meeste Schiedamse families in de jaren veertig en vijftig. Het was heel normaal dat Cees na het aflopen van de leerplicht op zijn veertiende onmiddellijk aan het werk ging om het gezinsinkomen te steunen. Hij werd aangenomen bij de plantsoenendienst.

Heel wat authentieke Schiedamse mannen van zijn leeftijd herkennen dat. Je was vijftien. Je ging werken. Je leerde een vak. Je kreeg verkering en je verloofde, spaarde een stuk van háár loon op voor de uitzet waarmee ze ging trouwen. Dat trouwen kon pas als je woonruimte voor elkaar wist te boksen, vaak bij een van de schoonouders in huis. Na jaren – en als er dan kinderen waren gekomen – kreeg je een flat toegewezen in Nieuwland en vanaf de jaren zestig ook in Groenoord. Vader was de noeste werker. Moeder deed het huishouden. Ze zorgden er samen voor dat hun kinderen meer kansen kregen dan zijzelf. Of ze die ook grepen was vers twee.

Het Nederland van nu is voor een belangrijk gedeelte opgebouwd door kerels als Cees Collignon. Ze werkten hard. Ze kenden hun verantwoordelijkheid. Ze waren bouwers, geen praters. Ze waren wars van kapsones. Ze hadden een hekel aan praatjesmakers. Ze konden bij wijze van spreken wel de bomen aanwijzen die ze hadden geplant en dat was meer dan veel van die opgeblazen kantoorpikkies konden zeggen.

Cees Collignon staat met zijn moegewerkte lijf – dat er zo rustig bij lag, zo vredig, zeiden de belangstellenden op de Beukenhof – model voor deze generatie. Zij vormden de echte steunpilaren van de samenleving.

Daarom, beste lezers, is het goed dat u zijn naam kent. En onthoudt.

Gerelateerd
Reacties
Bedrijven Alle bedrijven »






Vacatures Alle vacatures »
Altijd Up-to-date