Genieten van ijsvogels

19-01-2020 Nieuws André van Leijen

Foto: Paul Meuldijk


COLUMN - Mijn vrouw zag ze al een tijd vliegen. Mocht u nu denken dat mijn vrouw een beetje kierewiet is, dan klopt dat. Mijn vrouw is namelijk gek. Gek op vogels.
Soms komt ze met glanzende ogen thuis en zonder haar jas uit te doen, zegt ze: “Weet je wat ik zojuist gezien heb?”
Ik ben dan altijd een beetje jaloers, want zelf zie ik nooit wat. Biologisch kippig ben ik. “Nou, wat heb je dan gezien?”

“Een ijsvogel!”

Het ei is gelegd. “Een ijsvogel? Dat kan niet. Waar heb je die gezien?”

“Bij Vijfsluizen. Eerlijk waar.”

Ze zag ze voor het eerst in het voorjaar van 2016. In de schuine oever van de Poldervaart vlak bij het Sint Franciscusziekenhuis hadden ze hun nest. Niemand had ze nog gezien. Maar mijn vrouw wel. Ze nam me mee, want ik wilde die ijsvogels ook wel een keertje zien. “Kijk, daar zit er een.”

Nou, ik zag helemaal niks natuurlijk. Zelfs niet, nadat mijn vrouw precies had aangegeven waar. “Zie je die berk daar? Achter die berk in die struik. Op de derde zijtak. Rechts. Nou vliegt ie weg.”

En toen zag ik hem. Een blauwe schicht, die in een rechte lijn naar de overkant vloog en daar ergens tussen de bladeren verdween. Mijn dag was helemaal goed. Ik belde mijn dochter. “Weet je wat ik zojuist gezien heb?”

Sindsdien hebben we hem geregeld gezien. Hij bleek ook een vrouwtje te hebben. Daar paarde hij waarschijnlijk mee.

En toen, tijdens een gigantische storm in 2017 viel een loodzware eik om. Dat was op begraafplaats De Beukenhof, dat aan de andere kant van de Poldervaart ligt. Kruin en stam kwamen tussen de graven terecht. We konden het vanaf de weg langs de Poldervaart goed zien. De onderkant van de stam was losgekomen uit de grond en lag als een gigantische wortelschijf vol met kluiten aarde en losgetrokken wortels langs de oever.

Wat een ellende. Maar daar dachten de ijsvogels anders over. Die inspecteerden de boel en vonden het een uitstekende plek om hun nest in te maken. Met zijn tweeën vlogen ze om beurten op de schijf af en maakten er met hun puntige snavels een gat in. Alsof ze aan het darten waren. Het gat werd een hol en daarin nestelden ze.

Het liefst had begraafplaats De Beukenhof de boom verwijderd. Maar dat doe je natuurlijk niet, als er twee nestelende ijsvogels in zitten. Dus ze zaagden de stam bij de wortels af, verwijderden de stam en de kruin en lieten de wortelschijf liggen, zodat de ijsvogels er de volgende lente weer in konden broeden. En dat deden ze. De Beukenhof zette er zelfs een bordje bij: “Hierin nestelt een paartje ijsvogels. Nieuw leven in dood leven.” Dat paste mooi bij het gedachtegoed van een begraafplaats, waarin de cirkelgang van het leven ligt besloten.

Maar dat was aan de kant van begraafplaats De Beukenhof. Aan de kant van de Poldervaart wisten we van niets. Totdat we de ijsvogels in en uit de wortelschijf zagen vliegen. We waren niet de enigen. Er verscheen een man met een camera met een grote teletoeter erop. Hij zat geduldig met zijn rug tegen een boom te wachten tot de ijsvogels tevoorschijn zouden komen. Daarna kwam er een andere man met een camera met een nog grotere teletoeter. En daarna een man, waarvan de teletoeter zo groot was, dat hij een statief nodig had.

Toen verscheen er een mevrouw met een hondje. “Wat doen jullie?”, vroeg ze. Er kwamen steeds meer mannen met teletoeters en mevrouwen met hondjes. Ook het omgekeerde was het geval: mannen met hondjes en mevrouwen met teletoeters. Fietsers bleven staan. “Wat is er aan de hand?” Ook waren er scooters met jonge mensen. “Kom kijken! IJsvogels!” De motor lieten ze draaien.

Het werd hoe langer hoe drukker. Totdat er in 2019 een geel bord werd geplaatst. Twee borden zelfs, op dertig meter van elkaar. “Verboden op het gras te lopen i.v.m. broedende vogels”, stond erop. Dat trok nog meer mannen, mevrouwen, teletoeters, honden en scooters aan.

Kortgeleden hebben vrijwilligers in samenwerking met de KNNV een wand met een kijkgat geplaatst van wilgenhout, een zogenaamde ‘ijsvogelwand’, meldt de gemeente Schiedam op 16 december van het afgelopen jaar op haar website. “Ongestoord genieten van de ijsvogels”, staat boven het artikel. Goed werk, want die ijsvogels maken toch een herrie als ze aan het broeden zijn…


Niet storen alstublieft

De ijsvogel is in Nederland een beschermde vogel. In 2018 waren er rond de vijfhonderd broedparen. Het aantal ijsvogels neemt de laatste jaren toe. Dit komt onder meer omdat de waterkwaliteit beter is geworden. In februari/maart beginnen ze te broeden. Ze leggen dan zes tot zeven eieren. Het duurt ongeveer drie weken voor de jongen uitkomen. Die blijven nog ruim drie weken in het nest. Het grote aantal jongen is nodig om het aantal ijsvogels dat sterft in de winter te compenseren. Ze trekken namelijk niet weg. In de winter van 2018 stierf de helft van de populatie als gevolg van de kou. Het is dus van groot belang de ijsvogels niet te storen tijdens het broedseizoen.


Gerelateerd