Niet het bestuur, maar het leven van alledag komt centraal te staan

30-06-2019 Nieuws Kor Kegel

De voorzitter van het college van B & W, burgemeester Cor Lamers, is groot voorstander van volop samenwerking tussen de gemeente en de stad Schiedam. Foto: Jan van der Ploeg

SCHIEDAM – Burgemeester en wethouders nodigen de Schiedammers nadrukkelijk uit om actiever mee te denken, met name “over hoe we onze prachtige gemeente voor iedereen mooier, fijner en beter leefbaar kunnen maken”.  

Met de uitnodiging aan alle inwoners geeft het college van B & W uitvoering aan het collegeprogramma 2018-2022. “Nu maken we het concreet. We willen alle losse plannen en ideeën daarvoor met elkaar verbinden, en Schiedammers en Schiedamse bedrijven en instellingen aanmoedigen om vaker hun eigen ideeën in te brengen.” 

Deze ambitie heeft geleid tot ‘Samenwerken in Schiedam’, ook wel het Pact met de Stad genoemd. Van een echt pact is geen sprake, omdat ‘de stad’ het niet getekend heeft. Maar het gaat om de intentie. Die moet uitmonden in Schiedams participatiebeleid dat van en voor de stad is en dat zorgt voor een betere samenwerking tussen inwoners, ondernemers, ambtenaren en bestuurders. Versterking van de lokale democratie is het streven.

Het college schrijft aan de gemeenteraad: “De komende tweejaar (tot 2021) gaan we experimenteren met verschillende vormen van betrokkenheid. Wat de aanpak bijzonder maakt, is dat we daarin heel bewust niet de bestuurssystemen, maar de dagelijkse praktijk van de Schiedammers vooropzetten. Dat is voor het eerst, in deze vorm.”

Het college geeft de ambtenaren, de gemeenteraadsleden én de stad de ruimte om beter samen te werken. “Zonder beperkende kaders, belemmerende beleidsplannen of trage trajecten. Gewoon actief: proberen, experimenteren en daarvan leren.”  

Het college legt uit waarom het die kant op moet. Aanleiding is dat de traditionele aanhang van landelijk opererende politieke partijen afneemt en lokale partijen opkomen. “Kiezers voelen zich niet meer vertegenwoordigd door de politici of partijen aan wie ze een mandaat hebben gegeven. Democratie, die bedoeld is om van onderen naar boven te werken, wordt meer en meer ervaren als van boven naar beneden. Er ontstaat afstand tot de politiek.” 
“Anderzijds”, vervolgt het college, “zien we een ontwikkeling van een maatschappij die zich minder afhankelijk opstelt van de overheid en het initiatief terugneemt. Inwoners en ondernemers nemen zelf het heft in handen. Ze ontwikkelen samen ideeën zonder daarbij de overheid nodig te hebben.” 
“Er zijn dus twee bewegingen tegelijk: het ontstaan van meer maatschappelijk initiatief en de afname van de legitimiteit van de overheid.”

De samenleving verandert, maar ook de samenstelling van de bevolking van de stad Schiedam. Het college wil dat de gemeente zich aanpast. Bij het starten van participatietrajecten komt meer aandacht voor de diversiteit van de gebruikers van de stad. Jong en oud, gezinnen en alleenwonenden, hooggeletterden en laaggeletterden, culturen, achtergronden – het college stemt de communicatiemiddelen af op de verschillende doelgroepen om zo ook nieuwe en grotere groepen inwoners te bereiken. 
“Participatie heeft de meeste waarde als iedereen een gelijke stem heeft. Daarom streven we hij participatie naar een zo goed mogelijke afspiegeling van onze samenleving. Participatie staat nu eenmaal niet dichtbij iedereen en daar willen we wat aan doen”, schrijft het college.  

En voorts: “We beginnen direct met het toepassen van participatie, met het aanjagen van initiatieven en het experimenteren met nieuwe vormen. Dat doen we voordat we kaders vastleggen. We leren door met de stad aan de slag te gaan en alles wat we doen te evalueren, analyseren en vast te leggen, zodat we in het najaar van 2021 voldoende hebben geleerd en we in Schiedam een oplossing hebben gevonden om de afstand tussen politiek en inwoners te verkleinen. Ruimte om dat te kunnen doen is noodzakelijk om tot het gewenste resultaat te komen.” 
Het college vindt dat dat ook van de gemeenteraad en het college zelf om een actieve bijdrage vraagt. “De balans in de politiek-bestuurlijke interactie verschuift. Dat vraagt ook een andere rol van de raad. In deze periode vragen we de raad dan ook om mee te werken aan experimenten op het gebied van participatie.”  

Om te zorgen voor een succesvolle aanpak moeten college en gemeenteraad zich bewust zijn van de volgende zaken. De helft van de Schiedammers geeft aan meer betrokken te willen worden bij wat er in Schiedam gebeurt. De andere helft heeft die behoefte niet. Niet iedereen wil participeren; honderd procent participatie van alle Schiedammers is niet het hoofddoel.

Effectief participeren vraagt ook wat van de bestuurlijke organisatie. Participatie mag niet vrijblijvend zijn. Als uitkomsten van participatietrajecten verbeteringen mogelijk maken, moet de gemeentelijke organisatie daarvoor ook echt ruimte creëren. Samenwerken met de stad vraagt wat van de gemeentelijke organisatie. De ambtenarij moet het zich vaardig maken. Politici en ambtenaren moeten ruimte geven en ruimte krijgen.  

Het doel? 
‘Samenwerken in Schiedam’ moet zorgen voor een betere samenwerking met de stad en het versterken van de lokale democratie. Het Schiedamse bestuur verkleint de afstand tussen politiek en inwoners. Schiedammers en Schiedamse ondernemers komen graag zelf met ideeën en plannen, omdat hun gemeente daarvoor openstaat en deze serieus neemt. Zij ervaren de gemeente als een betrouwbare partner, die afspraken nakomt, flexibel en daadkrachtig is. In Schiedam horen we iedere stem. Zo stelt het college zich de toekomst voor.  

Onderdeel van de aanpak is dat het college de gemeenteraad betrekt bij vijf passende experimenten en dat er periodiek thema-avonden komen rond participatie en samenwerking. De eerste themabijeenkomst is aanstaande donderdag.