Raad (nog) niet te porren voor boa's-met-hoofddoek

19-12-2021 Politiek Redactie - achtergrond

Foto: archief


ACHTERGROND - Een belangwekkende discussie die raakt aan de verhouding tussen levensovertuiging en overheid, ontspon zich deze week in de Schiedamse gemeenteraad. 

Aanleiding was een motie van Denk. De fractie, gesteund door Groen Links en fractie Van Dijk, wil het dragen van een hoofddoek tijdens het werk mogelijk maken voor buitengewoon opsporingsambtenaren, boa’s van Toezicht & Handhaving. 

Seyda Doguz, zelf draagster van een hoofddoek, diende de motie in. Zij stelde dat waar gemeenten gaan over de boa’s en ook in Utrecht, Rotterdam en Amsterdam de raad stappen heeft gezet om het dragen van een hoofddoek door opsporingsambtenaren mogelijk te maken, waar in andere (Westerse) landen het dragen van een hoofddoek door dergelijke ambtenaren wel mogelijk is, de eisen van neutraliteit en uniformiteit niet geschaad worden indien een vrouw een hoofddoek draagt - of een man een keppeltje.

De motie ging in de discussie min of meer gekoppeld aan het voorstel van Denk, uitgedrukt in een tweede motie, om ‘een meerjarig en concreet actieplan’ op te stellen om racisme en discriminatie in Schiedam aan te pakken. Met meetbare doelstellingen, extra inzet op bewustwording en meldingsbereidheid, het uitbreiden van de huidige inzet naar andere beleidsterreinen zoals onderwijs en sport, het stimuleren van gelijkwaardigheid bij Schiedamse werkgevers en het aansluiten bij het initiatief van Rotterdam, dat een inclusiviteitsindex gaat ontwikkelen. Bovendien zou een Schiedamse coördinator tegen racisme en discriminatie moeten worden aangesteld.

De argumentatie van Seyda Doguz ging als volgt: “Schiedam is een multiculturele en diverse stad, we hebben mensen met verschillende achtergronden, verschillende geloofs- of levensovertuigingen, leeftijden en kwaliteiten. Daar mogen we heel trots op zijn: want diversiteit is een rijkdom.”

“Maar helaas zijn we als samenleving nog niet zo ver om iedereen de ruimte te bieden. Helaas zijn er veel meldingen van uitsluiting bekend, die voornamelijk betrekking hebben op herkomst of huidskleur. Helaas is er vandaag de dag nog sprake van discriminatie en racisme op de arbeidsmarkt, de woningmarkt, in het onderwijs.” 

Daarom is het volgens Denk tijd voor een ‘concreet, allesomvattend en voortvarende aanpak van racisme en discriminatie’. “De tijd dat beleid en financiën verschraald en versplinterd zijn is wat ons betreft nu echt voorbij. We zijn ons ervan bewust dat het een uitdaging is.” Discriminatie wordt niet voor niets regelmatig ‘een veelkoppig monster’ genoemd. Daarom moet het probleem volgens Denk ‘meerjarig, centraal en multidisciplinair’ worden aangepakt.

Doguz had tijdens de laatste commissievergadering, in het gesprek over deze opgeschroefde aanpak van discriminatie de vraag opgeworpen of een vrouw met een hoofddoek of een man met een keppel alle functies kan uitoefenen in Schiedam. “Dus ook die van boa.” Burgemeester Lamers stelde dat dit niet mogelijk is, vooral omdat het in strijd is met landelijke richtlijnen.

Doguz stelde daar namens Denk tegenover dat andere gemeenten juist al hebben laten weten ‘dit mogelijk te zullen maken’. Verder stelde demissionair minister Ferdinand Grapperhaus recent  geen probleem te zien in boa’s-met-hoofddoek, aldus Doguz. Het gaat om een lokale aangelegenheid en daar gaan gemeenten zelf over. 

Bovendien, zo stelde Doguz, heeft de hoofdcommissaris bij de nationale politie aangegeven voordelen te zien in het openen van die mogelijkheid, er ook voorstander van te zijn. Hij wil graag dat de politiek oproept zich hierover uit te spreken. "Hij hoort van recruiters dat veel talentvolle vrouwen met hoofddoek en mannen met keppel, die aangeven graag bij de politie of als boa te willen werken, niet willen kiezen tussen een deel van hun identiteit en ambities. Ik denk dat dat het laatste is wat we als gemeente zouden moeten willen doen: iemand forceren een keuze te maken. Ik ben ervan overtuigd dat toezicht en handhaving aan kwaliteit wint door mensen met verschillende achtergronden aan te nemen. Of een boa nu wel een hoofddoek of keppel draagt bij het uitoefenen van de functie, het blijft dezelfde persoon, namelijk een professional. Daarbij staat gedrag centraal en niet wie je bent.”

Volgens Doguz worden de begrippen uniformiteit of neutraliteit vaak aangehaald als argument om het niet te doen. “Een uniform is kleding waarmee de drager herkend kan worden als lid van een organisatie.” Het doel is herkenning, een doktersjasje of een Albert Heijn-jasje zijn daar volgens haar voorbeelden van. “Kijk naar landen waar een hoofddoekje normaal is, de VS, Groot-Brittannië en Canada en waar mensen bewezen hebben dat geloofsovertuiging niet ten koste gaat van neutraliteit. Doet de hoofddoek iets af aan de uniformiteit? Wat Denk betreft niet.”

Er zit een groot verschil tussen neutraliteit uitstralen en neutraal zijn, aldus Doguz. “Het wordt tijd dat we de gedachte neutraliteit zit in het uiterlijk, loslaten. Het gaat om gedrag. In het blote feit, dat mensen geen religieuze symbolen mogen dragen, ligt geen enkele garantie dat die burgers onpartijdig en neutraal zouden behandelen.”

“Wat de fractie Denk betreft stelt de gemeente zich niet neutraal op als er geen ruimte is voor een stuk identiteit, een hoofddoek of keppel, dat onlosmakelijk verbonden is met sommige  mensen. Het idee dat zij niet neutraal kunnen handelen of beoordelen kan wat Denk betreft niet. Het toestaan kan juist neutraliteit van de overheid vergroten.”

Doguz spreekt in dit verband over ‘inclusieve neutraliteit’: dat de ambtenaren die de overheid vertegenwoordigen een afspiegeling zijn van de diverse samenleving. “Diversiteit is een rijkdom die we moeten koesteren.” Ook bij buitengewoon opsporingsambtenaren.

Burgemeester Cor Lamers stelde - namens het college - de beide moties te ontraden. Volgens hem is er al een structureel budget voor maatregelen tegen discriminatie, ‘zowel belegd als vrij besteedbaar’. En hij herhaalde wat hij al eerder stelde: “Het college ziet geen aanleiding om een meerjarig en concreet actieplan op te stellen.” Wel toonde hij zich bereid om ‘te onderzoeken of het mogelijk is in de begroting meetbare indicatoren op te nemen waar het gaat om discriminatie en inclusie'.

Lamers hield vast aan zijn standpunt dat boa’s onder de gemeente-ambtenaren een uitzondering vormen waar het gaat om het kunnen dragen van een hoofddoek. Zij volgen de lijn die ook voor de politie geldt: dat uitingen van geloof of levensovertuiging geen onderdeel van het uniform kunnen vormen. Verder is het ministerie bezig met een stelselherziening waar het gaat om deze bijzondere ambtenaren, en die kan beter worden afgewacht voor Schiedam besluit om het gekozen modeluniform dat is ontwikkeld en ‘eigendom’ is van de Vereniging Nederlandse Gemeenten aan de kant te zetten en een eigen weg te gaan. 

In de kern gaat het er volgens Lamers om dat functies met een handhavende rol, een bijzondere overheidstaak, zorgvuldigheid vereisen. “Daarbij geldt, vindt het college en vind ik, dat neutraliteit uitgestraald moet worden.” En: “Het uniform draagt een boa namens de gemeente en niet als persoon. Hij moet neutraliteit uitstralen. Religieuze uitingen kunnen er voor zorgen dat boa’s niet worden gezien als van de overheid.”

In de discussie over de uitgebreide campagne, een extra inspanning van de gemeente tegen discriminatie, kregen de drie opstellers van de motie geen verdere steun uit de raad. Hoezeer Doguz ook betoogde dat het grootste deel van het budget naar Radar gaat, en er niet meer dan 15, 16.000 euro overblijft voor andere initiatieven en dat die andere inspanningen versplinterd worden geleverd en tot een verschraald resultaat leiden. Neem een voorbeeld aan Rotterdam, waar wel erkenning is voor het probleem en gekozen is voor concrete actieplannen en doelstellingen, met ruim voldoende budget, aldus Doguz.

In de beraadslagingen in de raad vielen met name Robert Berns van de Christen Unie-SGP en Karin de Vries van AOV op. Berns stelde dat mensen die door een boa worden aangesproken ‘niet naar een persoon luisteren’, maar naar iemand die het overheidsgezag representeert. Voor de ambtenaar geldt dan: ‘ je bent jezelf niet, je vertegenwoordigt het gezag’. Een boa met een hoofddoek belijdt, aldus Berns, dat die zich ‘onder het religieus gezag van de islam voegt’.  

“Bidden met gedekte hoofden heeft alle respect, je doet er altijd goed aan te bidden, biddend je werk te doen. Maar dat geldt voor bepaalde momenten.” Religieus gezag en staatsgezag vermengen is wat hem betreft niet gewenst. “Islam betekent letterlijk onderwerping. Die vermenging vind ik verwarrend.” Later gevolgd door de opmerking dat hij zich niet aan de islam wenst te onderwerpen. 

Doguz wierp tegen dat een hoofddoek niet betekent dat ‘je niet integer je werk kunt doen’. “Dat je niet in staat bent het een van het ander te scheiden.” En: “Is het dan niet raar dat je dat achter de schermen wel en voor de schermen niet kunt”, doelend op het feit dat andere gemeente-ambtenaren wel een hoofddoek mogen dragen. Berns: “Ik heb geen moeite met de hoofddoek, ook niet bij de balie van de gemeente. Het gaat hier om handhaving en dat dat punt niet gepakt wordt is juist het probleem.”

De Vries wees er (net als Monique Rotteveel van LOS) op dat juist op de dag van de raadsvergadering, afgelopen dinsdag, de Tweede Kamer ook een motie had aangenomen waarin deze zich tegen religieuze uitingen in de vorm van toevoegingen of versierselen aan het uniform keerde. “Wij zouden het ook niet prettig vinden als een toezichthouder met een hakenkruis rond ging lopen”, aldus De Vries.

Die opmerking zorgde voor veel consternatie in de raad. ‘Geschokt’ waren andere raadsleden, zoals Anouschka Biekman van D66. De Vries legde later uit dat ze ‘een hoofddoek niet vergelijkt met de uiting die ik net noemde’. “Het gaat er mij om dat ik niet wil weten wat de politieke en religieuze en andere beweegredenen zijn van een boa. Ik noemde het hakenkruis om u wakker te schudden.”

Tom Janssen deed namens de VVD een duit in het zakje door te stellen dat het toch wel opmerkelijk was dat de CDA-burgemeester van Schiedam ‘een puur seculier standpunt verdedigt’, terwijl een partij als Groen Links, met zijn roots in partijen als de PSP, zich groot voorstander van dit plan toont. “De scheiding van kerk en staat zit hem in het functioneren, maar ook in de uitstraling.” Het openlijk dragen van een hoofddoek ondermijnt die neutrale uitstraling, aldus Janssen. Hij signaleerde ook meldingen van mensen die in de openbare ruimte een keppeltje willen dragen maar dat niet durven. “Dat is een groter probleem om te markeren dan dat wat we nu hier bespreken.”

Partijen als het CDA, D66 en ook Progressief Schiedam stelden niet per se tegen het dragen van een hoofddoek door boa’s te zijn, maar vonden het ’te vroeg’ voor een motie, juist omdat er op landelijk gebied het nodige gebeurt. Die gesprekken tussen VNG en ministerie kunnen het beste worden afgewacht. “Ook D66 in den lande is verdeeld”, aldus Biekman. “We hebben het seculiere gedachtengoed hoog in het vaandel maar begrijpen de roep om inclusiviteit.”

Sun van Dijk, mede-ondertekenaar van de motie verdiepte de discussie door een extra nuance aan te brengen. “Hoofdbedekking is geen geloofsbelijdenis, maar is onderdeel van identiteit.” Er is volgens haar ‘niets aan de hand’ met een hoofddoek ‘als mensen integer en met schoon hart hun werk doen’. Uitdagend vroeg ze burgemeester Lamers of hij vond dat een burgemeester-met-hoofddoekje mogelijk is. “Ook de burgervader of -moeder moet neutraliteit uitstralen en er zijn voor alle inwoners… Mag een moslima die een hoofddoek draagt geen burgemeester zijn in Nederland?”

Daarop kreeg ze snel antwoord: “Ik denk dat zij er verstandig aan doet om in haar officiële optredens geen hoofddoekje te dragen”, aldus Lamers.

Die stelde zich een sterk en principieel voorstander van de scheiding tussen kerk en staat te voelen. “Religieuze uitingen in je kleding kunnen er toe leiden dat een boa niet meer als een vertegenwoordiger van de overheid wordt gezien en dat komt het ambt niet ten goede.” En over de vraag of een hoofddoek een teken van religie of van identiteit is, wees de burgemeester op de formulering van de motie, waarin de opstellers zelf spreken van de hoofddoek als ‘godsdienstige of levensbeschouweljke uiting’. 

Lamers stelde ook nog dat de motie ‘de oplossing van een niet bestaand probleem’ is. “De behoefte is er niet, de vraag is er niet”, aldus de burgemeester, die dat ‘expliciet had nagevraagd’. “Het speelt niet”, bij Toezicht en Handhaving. “En volgens mij is het ook geen belemmering bij sollicitaties.”

Bij de stemming over de motie over de hoofddoek bij boa’s stemde de PvdA mee met de drie opstellers. Petra Zwang sprak namens die partij over een ontwikkeling in de maatschappij die niet te stoppen is. 

En de burgemeester betuigde nog eens zijn dank aan de Schiedamse boa’s, die hij de komende weken - gezien de nieuwe Coronamaatregelen - denkelijk hard nodig zal hebben. “Ik ben blij dat we in Schiedam een kleine veertig boa’s hebben die op de gekste momenten van de dag de meest diverse problemen oplossen.”