Jongeren maken zich druk om (de Nacht van) de Geschiedenis

19-10-2019 Uit Redactie

Kerklaan (l) en Verkoelen: "Ons draaiboek was een heel huis met briefjes."


SCHIEDAM – De Nacht van de Geschiedenis kent dit jaar een bijzondere impuls: ze is georganiseerd door mensen met nog maar betrekkelijk weinig geschiedenis.

Carlie Verkoelen, Carmen Kleinherenbrink, Tom Maarleveld en Jacky Kerklaan kennen elkaar van school, van Spieringshoek, en zijn vrienden. Rasechte Schiedammers ook, en betrokken op hun stad. Dusdanig dat ze al flink wat jaren meelopen als vrijwilligers bij de Nacht van de Geschiedenis, als zaalwachten of anderszins behulpzaam in de organisatie. “Schiedam is ons ding.” En toch nog pas zo’n 25 jaar.

De organisatie van ‘de Nacht’ kreeg problemen: om de subsidie te behouden moest er vernieuwd worden. En naar het oordeel van de subsidiegevers – de gemeente Schiedam met name – gebeurde dat onvoldoende. De subsidie werd gestopt. Reden voor ‘de oude groep’ betrokkenen van het eerste uur (Marianne Ames, Han van der Horst, Reinard Maarleveld en anderen) om hun inzet te stoppen.

Wellicht in de hoop en verwachting dat een nieuwe garde het over zou nemen. Die hoop bleek niet onterecht. Jacky Kerklaan nam het voortouw: zij rondde een studie vrijetijdskunde af en vindt ook steeds meer haar werk in vrije tijd en toerisme, vooral in Schiedam. Zij zag kansen, er werd gepraat en toen de beraadslagingen ten einde waren was er een nieuw team organisatoren, en de toezegging dat een Nacht van de Geschiedenis-op-nieuwe-leest ook weer kon rekenen op de gemeentelijke subsidie.

Met dus de morele en feitelijke taak echt een nacht ‘nieuwe stijl’ te organiseren. De vier – in het begin deed ook Nina Beijen nog mee – besloten dat hun vernieuwing vooral zou bestaan in het werven van een nieuw, jonger publiek. Dat is niet vanzelfsprekend, jong en geschiedenis, dat accordeert niet zo, lijkt het op het eerste gezicht. Maar de ervaring van de jongeren is juist dat dit beeld niet klopt. “Het is wel de moeite waard om de geschiedenis van de stad door te vertellen”, aldus Carlie Verkoelen.

De stad met zijn geschiedenis is volgens haar juist wat ons met elkaar verbindt. “Ik ben trots op Schiedam, en dat wil ik graag overbrengen. Hoe meer je over de stad weet, hoe meer je er van gaat houden.” Zelfs de ‘minder leuke verhalen’ die er over Schiedam te vertellen zijn, kunnen daar aan bijdragen.

Zo ging het team aan de slag. Al aardig wat maanden geleden, want het moest allemaal kloppen. “Stel je ons zenuwcentrum – twee van de vier delen een huis in het centrum, dat werd de uitvalsbasis voor de organisatoren – voor, een wand vol met geeltjes”, aldus Verkoelen, werkzaam in de zorg. “Ik denk nu dat we ons wat te veel hebben aangepast; als iemand vroeg of zijn lezing vijf minuten langer mocht duren, dan gingen wij het draaiboek weer aanpassen. En omdat we alles van minuut tot minuut hadden uitgedacht, wie waar moet zijn en wat moet doen, betekende zo’n verandering ook gelijk het aanpassen van ons halve draaiboek.”

Voor het programma ging de club van vier aan de gang met het landelijke thema – Zij / Hij – maar dat werd niet erg dwingend opgelegd. Partners die ook in voorgaande jaren hun waarde bewezen deden weer mee, maar ook nieuwe. Nieuwe vrijwilligers doen mee. Nieuwe ideeën en nieuw elan werd dus hun visitekaartje.

Een belangrijke verandering die de vier willen doorvoeren is een eind te maken aan het vanzelfsprekende ‘vertellen over de geschiedenis’. “Iemand die praat en anderen die luisteren”, tsja, dat is toch wel een beetje heel erg… geschiedenis. De vier zochten naar andere vormen met zeggingskracht: beeldende kunst, een pianoconcert bij Dirkzwager al vanmiddag, muziek, eten. Andere vormen die ook verhalen uit het verleden verder vertellen.

Zo ontstond een programma dat al vroeg op de avond begint in de Grote of Sint-Janskerk, met een gezamenlijke opening. Daarna zijn er twee rondes met sprekers, toch wel weer, maar ook creatieve manier: Henk Bakker vertelt over ‘Bier, vinyl en de Schiedamse Blues’- in het pand van Bier & Vinyl op de Hoogstraat. De geschiedenis van de Schiedamse jeneverindustrie wordt via monologen tot leven gewekt. In het Stedelijk Museum wordt er gewandeld, met studenten Beeldende Kunst. Cok Boes heeft met zijn spreekbeurt nog het meeste weg van de traditionele vorm, maar daar spreekt zijn onderwerp waarschijnlijk speciaal tot de verbeelding: ‘Zij/ Hij, wat gebeurde er vroeger op het kussen?’ Zakkendragers leiden de geïnteresseerden rond tussen de sessies, naar hun plaats van bestemming.

Ze hebben er wel vertrouwen in, Kerklaan en Verkoelen, dat het glad gaat verlopen. Doel is meer bezoekers te trekken dan afgelopen jaren, toen er zo’n honderd tot hondertwintig mensen meededen. “Maximaal kunnen we 250 mensen aan”, wil het niet tot uitpuilende zalen leiden. Veel bezoekers zijn welkom, want de opbrengt van de toegangskaartjes – een tientje per stuk – zijn hard nodig om rond te komen. “We hebben niemand gratis kaartjes gegeven, ook al hebben we natuurlijk onze families en vrienden allemaal opgeroepen te komen.”

Vanaf negen uur gaat het dan los in de Sodafabriek. Daar wordt het verhaal van de fabriek vertelt door de huidige eigenaar en een of twee dames die er ooit werkten. Stadsdichteres Yvette Neuschwanger heeft het over ‘Wandelende dichters’, er is cabaret door Leon Mooren, Uit Volle Borsten zingt. Anouk van Mil duikt met deelnemers in het ‘feministische drukwerk’, de mannen van het Zakkendragersgilde zijn er, studenten van de Willem de Kooning Academie, en vanaf elf uur zorgt DJ Raimond er voor dat wie dacht rustig aan te kunnen gaan doen, daarvan terugkomt. Onder het motto: schrijf zelf geschiedenis! “Als je een leerzame avond wil, krijg je er gezelligheid bij”, aldus Kerklaan. En als je een gezellige avond wilt, zul je merken dat je toch ook heel wat kunt opsteken.


Gerelateerd