Schiedammers geven geld steeds minder uit in eigen stad

01-03-2022 Winkelen Redactie


SCHIEDAM - Schiedam heeft de afgelopen drie jaar de slag om de bezoeker van de fysieke winkel volledig verloren. Dat concludeert de website Vastgoedmarkt, na een analyse van het Koopstromenonderzoek 2021 van BRO, Bureau Stedelijke Planning en I&O Research. 

Nee, het is niet het internet dat de Schiedamse middenstand nekt. Volgens Vastgoedmarkt is het vooral de kooplust van Schiedammers buiten de eigen stad die zorgt voor dalende omzetten alhier. Deden ‘we’ in 2018 nog 58 procent van onze winkelaankopen in Schiedam, afgelopen jaar nog maar 52 procent. “De jeneverstad scoort daarmee laag in vergelijking met andere gemeenten die er een koophart op na houden”, aldus de onderzoekers. De maatstaf hiervoor is de zogeheten binding en is in Delft bijvoorbeeld 67 procent, in Rotterdam 66 procent en in Vlaardingen 61 procent.

In 2018 gaven Schiedammers 108 miljoen euro uit in fysieke winkels in andere steden, een bedrag dat afgelopen jaar bleek te zijn opgelopen tot 127 miljoen euro. Een toename met 17,6 procent. “Bij geen ander koopcentrum nabij Rotterdam vloeide meer omzet weg naar andere plaatsen”, aldus Vastgoedmarkt. “Inwoners van Delft gaven in 2018 en in 2021 evenveel geld uit bij winkels in andere plaatsen. Vanuit Vlaardingen steeg dat totaal met negen procent en vanuit Rotterdam met twintig procent.”

Dat neemt niet weg dat de winkels in de stad ook omzet verliezen aan de webwinkels. Schiedammers gaven volgens het onderzoek afgelopen jaar 94 miljoen euro aan een internetaankopen. En dat is 42 procent meer dan drie jaar geleden. “Maar die toename was naar verhouding niet bijzonder groot. In Rotterdam bedroeg die stijging 51 procent, in Vlaardingen 59 procent en in Delft 43 procent.”

Zeker als het gaat om ‘recreatieve’ aankopen lukt het de ondernemers in de Schiedamse winkelstraten maar matig om hun stadgenoten tot aankopen te verleiden. “Van de omzet in dat segment loopt 36 procent via online. Schiedam komt pas op plek twee met 27 procent, op redelijk korte afstand gevolgd door Rotterdam met 21 procent.”

Ook van de doelgerichte aankopen (denk aan bouwmarkten, woonwinkels en tuincentra) doen Schiedammers maar een beperkt deel in de eigen gemeente. De meeste omzet in dat segment gaat via online (28 procent) en pas dan komt Schiedam (26 procent). Daarna komen Rotterdam (17 procent), Vlaardingen (9 procent) en Delft (6 procent), aldus het onderzoek.

De Schiedamse toonbankbestedingen daalden in alle segmenten, in vergelijking met het vorige onderzoek in 2018. Ook toen consumenten vanwege de Coronamaatregelen niets te zoeken had op het terras of in het restaurant, wist de middenstand die besteedbare middelen niet naar zich toe te trekken, aldus Vastgoedmarkt.

Uitgaande van het jaar 2016 (index = 100) kwam de omzet voor de dagelijkse aankopen afgelopen jaar zes procent hoger uit. Maar dat betekende wel een omzetverlies van één procentpunt ten opzichte van 2018. Aan dagelijkse boodschappen werd in 2021 in Schiedamse winkels 187 miljoen uitgegeven. Daarmee is deze categorie boodschappen goed voor ruim tweederde van het totaal aan toonbankbestedingen in de stad van 264 miljoen euro.

In Schiedamse winkels waar mode en luxe en vrijetijdsartikelen worden verkocht is de teruggang nog groter dan bij de levensmiddelenzaken. Waren de bestedingen in die categorie in 2018 nog praktisch op het niveau van het begin van de tellingen, sindsdien ging er voor deze zaken ongeveer tien procent omzet verloren. Gezamenlijk zetten deze winkels in 2021 zo’n 38 miljoen euro om, via de toonbank.

Ook Schiedamse zaken in de categorie ‘bouwmarkten, woonwinkels en tuincentra’ wisten niet, zoals elders vaak wel gebeurde, te profiteren van de Coronapandemie. De klussers, nieuwe thuiswerkers en mensen met gezinsuitbreiding besteedden hun geld niet erg in winkels hier in de stad. “Integendeel”, aldus Vastgoedmarkt. “De index voor het doelgerichte segment daalde daar met acht punten naar 110 (2016=100).

Schiedam was in 2021 zeker niet de enige gemeente waar de fysieke winkels in het recreatieve segment minder omzet trokken, aldus de onderzoekers. “In Nederland en in de provincie Zuid-Holland was dat ook zo. Maar in Schiedam namen die bestedingen harder af, getuige de daling van de index voor het marktaandeel met 3 punten naar 98.”

De onderzoekers van de drie instituten vroegen zich - toen ze aan hun werk begonnen - af of mensen in Coronatijd meer lokaal zijn gaan kopen. Om een idee te hebben hoe moeilijk het is conclusies te trekken: "Een eenduidig antwoord op die vraag kunnen we niet geven. We zien in de dagelijkse sector dat gemiddeld genomen een groter aandeel van de toonbankbestedingen lokaal wordt gedaan. De groei hiervan is echter lager dan de groei van online in deze sector. In de recreatieve sector zien we de erosie van deze sector in de ondersteunende winkelgebieden, dichtbij huis. Maar in deze sector zien we ook de (relatieve) winst van de centrumgebieden van de kleinere steden, tegenover het verlies van de grootste binnensteden, de binnensteden die van oudsher het grootste verzorgingsbereik hebben. In de doelgerichte sector zien we zoals gezegd dat mensen juist bereid zijn om verder te reizen."



Gerelateerd