Categorieën

Service

Jeugdmonitor: jongeren voelen zich minder goed

Jeugdmonitor: jongeren voelen zich minder goed
Nieuws

Jeugdmonitor: jongeren voelen zich minder goed

  • Redactie
  • 11-07-2023
  • Nieuws
Jeugdmonitor: jongeren voelen zich minder goed

SCHIEDAM - De resultaten van de jeugdmonitor 2023 zijn bekend. Uit het onderzoek komt onder meer dat jongeren zich minder goed voelen dan eerder.

Eens in de twee jaar wordt de jeugdmonitor afgenomen onder de jeugd van Schiedam. In deze jeugdmonitor geven jongeren zelf aan hoe zij vinden dat het gaat, met henzelf en met de stad. Zo kan de gemeente inspelen op de actuele behoeften van de jeugd. De jeugdmonitor is in het najaar van 2022 afgenomen onder de Schiedamse jeugd in de leeftijd van 10 tot en met 23 jaar. Het onderzoek is verdeeld in drie leeftijdscategorieën, namelijk groep zeven en acht van de Schiedamse basisscholen, middelbare scholieren en 17 tot 23-jarigen. De monitor is afgenomen onder jongeren uit alle wijken.

Onder meer de mentale gezondheid komt aan bod in de jeugdmonitor. De jongeren geven aan dat zij zich de afgelopen maanden minder goed hebben gevoeld dan in eerdere onderzoeken naar voren kwam. Het aandeel leerlingen uit het voortgezet onderwijs dat zich uitstekend tot goed voelde is gedaald van tachtig procent in 2019 naar 59 procent in 2023. Jongeren tussen de 17 en 23 voelen zich ook aanzienlijk minder goed: van 86 procent in 2019 naar 72 procent in 2023. Landelijke CBS-cijfers geven aan dat de mentale gezondheid van de jeugd aantoonbaar is afgenomen. Zo was elf procent in 2019 psychisch ongezond en is dit in 2022 opgelopen tot achttien procent. De achteruitgang in mentale gezondheid onder jongeren is volgens CBS zowel bij tieners - in de leeftijd van twaalf tot achttien jaar - als bij jongvolwassenen (tot 25 jaar) te zien. De lokale ontwikkeling ligt dan ook in de lijn van de landelijke cijfers.

School en voorlichting is een ander onderwerp. De jeugd maakt zich steeds meer zorgen over hun schoolprestaties, blijkt uit de jeugdmonitor. Zo piekert 66 procent van de leerlingen van groep zeven en acht over schoolprestaties, ten opzichte van 52 procent in 2021. 75 procent van de middelbare scholieren ziet er soms tot vaak tegenop om naar school te gaan. Bij jongeren tussen de 17 en 23 leiden hun schoolprestaties bij bijna vijftig procent onder het hebben van een (bij)baan. Een groot deel van de jongeren geeft aan meer informatie en betere begeleiding te willen om een keuze voor een profiel, studie of beroep te maken, 41 procent van de middelbare scholieren vindt loopbaanondersteuning nu onvoldoende. Naast loopbaanondersteuning is er toenemende behoefte aan voorlichting op gebied van mentale en fysieke gezondheid, puberteit en omgaan met geld. Opvallend is dat de voorgestelde manieren van voorlichting en informatie door de jongeren worden afgeschreven, maar op de vraag hoe zij deze informatie dan wel willen ontvangen komt geen duidelijk antwoord. Hier wordt een vervolgvraag over gesteld tijdens de speakup bijeenkomsten.

Vriendschap, eenzaamheid en acceptatie komen eveneens terug in de monitor. Er is een stijging te zien in de ervaren eenzaamheid onder jongeren, 25 procent van de 17 tot 23-jarigen geeft aan dat zij onvoldoende vrienden of contacten hebben. Dit was in 2019 nog achttien procent. De nasleep van de Corona-maatregelen heeft voor deze doelgroep nog langdurig nadelig effect. Op jongere leeftijd geeft zo’n zeven procent aan zich vaak alleen te voelen. Het acceptatieniveau met betrekking tot andere geaardheid is na eerdere stijging ditmaal gedaald. In 2021 gaf veertien procent aan niet bevriend te willen zijn met iemand met een andere geaardheid, in 2023 is dit gestegen naar 25 procent in groep zeven en acht en 35 procent in het voortgezet onderwijs. Deze stijging kan niet volledig verklaard worden, volgens de onderzoekers, maar de extra aandacht voor dit onderwerp (zoals de lentekriebels campagne) kan mogelijk ook tot negativiteit leiden. Jongeren tussen de 17 en 23 die aangeven genderneutraal of non-binair te zijn, zijn significant minder tevreden over hun sociale contacten.

Ook pesten en discriminatie komen aan bod. Pestervaringen zijn in groep zeven en acht veelal gelijk gebleven: twintig procent In het voortgezet onderwijs is dit het afgelopen jaar echter ruim verdubbeld, (van 5,7 procent naar 12,9 procent. Pesten gebeurt ook steeds vaker online: (3,5 procent in 2019, 25 procent in 2023. Jongeren kennen de maatregelen om pesten te voorkomen wel en vinden niet per se dat scholen hier meer aan zouden moeten doen. Discriminatie-ervaringen zijn de afgelopen jaren veelal gelijk gebleven. Dertig procent heeft zich het afgelopen jaar wel eens gediscrimineerd gevoeld. Afgelopen jaren was huidskleur en afkomst de voornaamste reden van discriminatie, dit jaar is ook geaardheid in tien proocent van de gevallen de reden voor discriminatie, een toename.

De rol van sociale media en gamen in het leven van kinderen neemt nog altijd toe, 61 tot 73 procent heeft gamen en social media als favoriete bezigheid, 56 procent van de middelbare scholieren geeft aan onrustig, gestresst of geïrriteerd te raken wanneer ze niet kunnen gamen of op sociale media kunnen. Activiteiten als sport, theater, muziek, lezen en natuur-/techniek lijken minder populair te worden. In 2019 stond sport-of beweegactiviteiten op de eerste plek als favoriete bezigheid, nu is dat gamen en social media of met vrienden afspreken. Toch is er een lichte stijging te zien in het aantal jongeren dat lid is van een sport,- of cultuurvereniging. 71 procent van de groep zeven en acht leerlingen, 56 procent van de middelbare scholieren en 55 [procent van de 17 tot 23-jarigen zijn lid van een vereniging. De eerdere daling uit 2021 werd verklaard door de sluiting van locaties vanwege de Corona-maatregelen, na heropening is te zien dat dit weer toeneemt.

Het aandeel jongeren dat thuis geldzorgen ervaart lijkt toegenomen. Echter is dit deels te verklaren door een gewijzigde vraagstelling. In 2016 was dit percentage achttien procent, in 2021 is dit gedaald naar negen procent. Nu geeft 21 procent aan te merken dat er soms te weinig geld is, maar slechts twee tot vijf procent merkt vaak iets van geldzorgen thuis. Van de doelgroep die aangeeft vaak geldzorgen thuis te hebben, geeft 89 procent aan hier zelf niet direct last van te ondervinden. Bij de doelgroep die hier wel last van ondervindt, is de mate van die last wel toegenomen. Vooral zaken zoals schaamte, minder uitjes of leuke dingen doen. Ook de effecten van de energiekosten toename wordt door jongeren gemerkt, zo herkennen zij dat ze minder lang mogen douchen en dat de verwarming lager moet. Wanneer het gaat om studieschuld valt op dat het percentage is gedaald van 24 naar vijtien procent. Slechts drie procent van de jongeren tussen de 17 en 23 hebben andere schulden, dit aantal is al sinds 2018 gelijk gebleven.

Het veiligheidsgevoel onder jongeren is licht gedaald. Rond de veertig procent is soms wel eens bang op straat, tien tot dertien procent is vaak bang op straat. Het gaat daarbij met name om gebieden als Parkweg, Beatrixpark en Schiedam Centrum. Jongeren voelen zich vaak veiliger wanneer zij met vrienden op straat zijn. Meisjes voelen zich vaker onveilig in Schiedam dan jongens.

Een ander thema: wonen. Jongeren vinden het (bijna) altijd leuk om in Schiedam te wonen. 98 procent van de kinderen uit groep zeven en acht vindt het altijd of meestal leuk om in Schiedam te wonen. Er is geen daling te zien in het totaal, maar middelbare scholieren geven vaker aan soms tevreden te zijn, in plaats van altijd. Nog steeds zit het percentage boven de negentig procent. Het percentage van de 17 tot 23-jarigen dat over vijf jaar nog in Schiedam denkt te wonen is zo goed als gelijk gebleven. De reden van mogelijk gewenst vertrek is vooral vanwege studie of kans op een baan.

De jeugdmonitor wordt na de zomervakantie gedeeld met scholen, jeugdwelzijnspartners en vakafdelingen.