Categorieën

Service

RET en metropoolregio eens over tram- en metrovervoer

RET en metropoolregio eens over tram- en metrovervoer
Wonen

RET en metropoolregio eens over tram- en metrovervoer

  • Redactie
  • 25-03-2016
  • Wonen
RET en metropoolregio eens over tram- en metrovervoer

ROTTERDAM / SCHIEDAM - De RET blijft de tram- en metrovervoerder van Schiedam en de regio. De Rotterdamse Elektrische Tram werd het eens over de voorwaarden rond de concessie voor het stedelijke spoorvervoer met de Vervoersautoriteit van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. De concessie geldt voor tien jaar en heeft een waarde van ongeveer drie miljard euro.

De afspraken tussen vervoersautoriteit en vervoerder worden uitgewerkt en zullen leiden tot een formele bieding op het vervoer per tram en metro op 4 mei. De gunning door de metropoolregio vindt dan naar verwachting nog voor de zomer plaats.

De afgelopen dagen was onrust ontstaan rond de onderhandelingen bij het personeel van de RET. Dat maakte zich zorgen over forse, volgens sommigen zelfs onhaalbare eisen die de vervoersautoriteit aan de nieuwe gunning zou stellen. Mogelijk omdat het ruimte wilde creëren aan een concurrent van RET. Pex Langenberg, wethouder in Rotterdam en voorzitter van de vervoersautoriteit zegt het zo: “Na een aantal intensieve en constructieve gesprekken over de eisen en financiële aspecten die bij de nieuwe railconcessie horen, zitten wij nu op één lijn. Ik kijk uit naar het definitieve bod van RET, zodat wij ook de komende tien jaar samen met RET ons kunnen inzetten voor uitstekend tram- en metrovervoer voor onze reizigers.”

Ook RET-directeur Pedro Peters is tevreden. “In het contract worden niet alleen afspraken gemaakt over het laten rijden van onze trams en metro’s, maar ook over het beheer en onderhoud van de infrastructuur (van rails en de stations) in de regio. Ook het sociale veiligheidscontract maakt deel uit van de nieuwe railconcessie. Ik ben trots op deze integrale aanpak. Dat is goed nieuws voor de reizigers, maar ook voor de werkgelegenheid van de drieduizend medewerkers van de RET.”