Pestslachtoffers en etterbuilen
- Han van der Horst
- 12-04-2026
- Gezond
Mignon Nusteling
COLUMN - Volgende week zondag is het de Nationale Dag tegen Pesten. Het is balsem voor de ziel dat het Stedelijk Museum dit kwaad serieus neemt. Daarbij gaat het uit van het spreekwoord: 'Schoenmaker, blijf bij je leest'. De kunstenares Mignon Nusteling is uitgenodigd voor een inloopatelier. Iedereen kan - door haar begeleid en geïnspireerd - zelf een kunstwerk maken over het thema pesten. Het museum moet die zondag een plek zijn 'voor ontmoeting, expressie en steun'.
Ik ben zelf nogal gepest, vooral in de derde en de vierde klas van de Jozefschool. Dat kwam omdat ik lang en slungelig was. Bovendien hield ik van lezen en droeg ik al vroeg een bril. Dat is een noodlottige combinatie als er in je klas ook een paar etterbuilen zitten, zoals menig lezer van deze column uit eigen ervaring kan bevestigen. Op een gegeven moment moest ik omwegen maken om na afloop van schooltijd ongeschonden thuis te komen. De verschrikkelijke meester Meijer placht de klas die het meest recht zat, als eerste los te laten. Ik zat heel erg recht omdat het voor mij van levensbelang was de etterbuilen voor te blijven. Voor zover ze in mijn rij zaten, gingen ze dan over de bank hangen met hun hand onder hun kin.
Uiteindelijk hield het allemaal op en kreeg ik een normale schooljeugd, maar ik en mijn ouders vonden het toch verstandiger dat ik in Rotterdam naar het Sint Franciscus College zou gaan, waar niemand mij kende en niet naar een Schiedamse middelbare school.
Ik heb het nu over ervaringen van bijna zeventig jaar terug. Toch raak ik in een toestand van razernij als ik in de media stukken lees over pestslachtoffers. Er komen dan bovendien zeer duidelijke opvattingen bij mij naar boven over hoe je pesten moet aanpakken.
Er is maar één manier die echt helpt en dat is excessief geweld. Je moet de etterbuilen die je te na komen, geheel en al in elkaar rammen. Het probleem; je bent in je eentje en je moet het opnemen tegen velen. Dat win je niet. Bovendien zijn pestslachtoffers zelden mannetjesputters. Ze zijn niet agressief. Pestslachtoffers proberen hun vijanden (want dat zijn het, die etterbuilen, echte vijanden) vaak ook nog te behagen om erger te voorkomen.
Je leest regelmatig over Amerikaanse scholieren die met het machinegeweer van hun vader het vuur openen op de klas. Daar dromen pestslachtoffers van, maar ze zullen dat in de praktijk nooit proberen. Als ik zo´n bericht lees, ga ik altijd via de sites van de lokale kranten en tv-zenders na, wat de achtergrond van zo´n massamoordenaartje is. Het blijkt nooit een pestslachtoffer te zijn, wel iemand die op de school erg geïsoleerd was, maar dan omdat hij dreigend over kwam en iedereen een beetje bang maakte. Etterbuilen weten altijd iemand te selecteren die lichamelijk niet zo sterk is. Dat komt omdat hun ziel uit lafheid is opgetrokken.
Bijna nog erger dan de pesters zelf, is de volwassen omgeving met goede raad. Zo´n zak van een oom die zegt: ¨Dan moet je van je afbijten¨. Of zo´n tut hola van een tante met het advies: ¨Dan pest je toch terug¨. Zulke taal wekt bij pestslachtoffers een diep gevoel van eenzaamheid en verlorenheid op. Ik vervloek de lui die met zulke raadgevingen aankomen. Om met president Bush jr. te spreken: ¨Fuck them. Fuck them big time¨.
Tenslotte het volgende: niet de pestslachtoffers zijn het probleem maar de daders, de pesters. Als die volharden in hun gedrag, dienen zij zonder meer van school te worden verwijderd. Hoe moet het dan met hun loopbaan? De maatschappij heeft er geen belang bij als zulke etterbuilen maatschappelijk succes boeken, want ze zullen hun pestpraktijken in het bedrijfsleven voortzetten en er in het verpleeghuis mee doorgaan tot hun laatste snik.
Neem dat van mij aan.