Hangplekken en de aanpak Zijdeveld
- Han van der Horst
- 06-08-2023
- Nieuws
COLUMN - Er zijn in Schiedam door de gemeente twee bouwsels opgericht die wel iets weg hebben van uit de hand gelopen bushokjes. Alleen staat er geen halte bij. Dat komt omdat zij bedoeld zijn als hangplekken voor jongeren. Zij kunnen er eindeloos blijven zitten. Misschien was het een goed idee geweest juist wel een halte te plaatsen maar dan voor lijn 0.
Voorlopig blijft het bij deze twee. Wie er gebruik van wil maken kan ze vinden op de ´s-Gravelandseweg en een naast het sportpark Willem Alexander. Waarom daar? Dan zijn er geen omwonenden die iets te mekkeren hebben. Er bestaat zelfs een officieel woord voor de beide optrekjes: JOP of te wel Jongeren Ontmoetings Plek.
Het creëren van hangplekken voor jongeren is een erg goed idee maar het werkt alleen als je ze situeert op of heel erg in de buurt van plaatsen waar ze graag bij elkaar komen. Toen Chris Zijdeveld nog wethouder was van Schiedam, moest hij een oplossing vinden voor de vele olifantenpaadjes in het groen van de stad. Soms liepen die zelfs dwars door heggen heen. Ze waren haast nooit recht maar altijd krom. En ze ontstonden omdat burgers van de door de gemeente betegelde paden afweken om een stukje af te snijden. Vaak was de winst minimaal. Of je kon op je vingers uittellen dat je zelfs omliep als je in navolging van zoveel mensen het gras plat ging trappen.
Veel gemeentes probeerden van alles te doen om het ontstaan van olifantenpaadjes tegen te gaan. Ze plaatsten hekken en heggen. Ze voerden een verbod in het openbare groen te betreden. Ze zetten pijltjes en aanwijzingen neer. Niets hielp. Chris Zijdeveld pakte het heel anders aan. Hij ging ervan uit dat hij betaald werd om de wensen van de burgers te vervullen. Daarom liet hij de olifantenpaadjes bestraten. Zijdeveld is nu al meer dan twintig jaar met heel andere dingen bezig en zijn aanpak is door de gemeentelijke planners vergeten, maar toch vind je hier en daar nog van die kromme bestrate paadjes uit zijn tijd, bijvoorbeeld achter mijn huis.
Hij is niet de enige die er zo over dacht. Een jaar of veertig geleden maakte ik eens een interview met een professor die zich bezighield met planologie in Afrika en Azië. U kent de beelden wel van eindeloze krottenwijken die door arme mensen zelf worden gebouwd op daarvoor geschikte plekken. De stedelijke overheid heeft er helemaal geen greep op. De professor zei dat je beter met dit soort ontwikkelingen mee kon werken dan er bulldozers op af sturen. Hij gebruikte luchtfoto´s om te zien hoe zulke wijken zich ontwikkelden. Tegenwoordig zou je drones gebruiken. Zo ontdekte de professor een bepaald patroon. Mensen zijn bereid een kilometer te lopen om boodschappen te doen. Dat kon je zien aan de spontane marktjes die op afstanden van ongeveer een kilometer van elkaar ontstonden. ¨Dus als je een bushalte wilt plaatsen, een school of een gezondheidscentum, doe het dan bij zo´ń marktje¨, zei de professor, ¨Dat zijn de plekken die de mensen zelf hebben uitgekozen om bij elkaar te komen." Hij voegde er aan toe dat goede steden een aantal centra hadden en niet één stadshart. Een stadshart leidde alleen maar tot grote verkeersopstoppingen en verspilling van energie. Hij vond dat we het in de Rijnmond zo slecht niet voor elkaar hadden met naast de Rotterdamse binnenstad die van Schiedam, Vlaardingen, Maassluis, Capelle en Hoogvliet.
Hoe dan ook: de aanbevelingen van deze professor leken sterk op de aanpak van Zijdeveld: dwing de mensen niet naar door jou aangewezen plekken toe. Dat lukt toch niet. Werk met ze mee.
Als de gemeente een succes wil maken van die JOP's, dan moet eerst worden vastgesteld waar jongeren graag bijeenkomen. Daar plaats je ze dan. Anders komt er niks van terecht. Dat geef ik de verantwoordelijken op een briefje.
Niets meer aan veranderen. Beste plek om in de gaten te houden #JOP #Schiedam https://t.co/QkqLaWYy4v
— Tjalling de Boer (@tjallingdeboer) April 11, 2022