RIVM: spelen op kunstgras verantwoord
- Redactie
- 20-12-2016
- Sport
In oktober ontstond onrust over rubberkorrels die gebruikt worden voor kunstgrasvelden. Deze zijn mogelijk kankerverwekkend, zo stelde het tv-programma Zembla. De onrust werd bezworen en onderzoek toegezegd. Her en der in het land werd het spelen op kunstgrasvelden opgeschort. In Schiedam hebben velden van Hermes DVS, PPSC, Kethel Spaland, Excelsior'20, SVV en HBSS de gewraakte rubberkorrels, maar werd wel doorgespeeld. Hermes DVS besloot de training van de jongste spelers en de keepers niet langer op kunstgras te doen.
Dat onderzoek is nu klaar. Het RIVM concludeert dat er maar zeer beperkt stoffen vrijkomen uit de korrels. "Dat komt doordat de stoffen min of meer in het granulaat zijn opgesloten", aldus het RIVM. "Hierdoor is het schadelijke effect op de gezondheid praktisch verwaarloosbaar."
In rubbergranulaat zijn veel verschillende stoffen gemeten, zoals polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s), metalen, ftalaten (weekmakers) en bisfenol A (BPA). Er is weinig variatie in de concentraties stoffen tussen de velden en tussen de meetpunten per veld. Daarmee geven de resultaten een goed beeld voor alle velden met SBR rubbergranulaat in Nederland, aldus het rijksinstituut.
"In de beschikbare wetenschappelijke informatie zijn geen signalen aangetroffen die duiden op een verband tussen sporten op kunstgras met rubbergranulaat en het ontstaan van leukemie en lymfeklierkanker", meldt het ook in een persbericht. Uit de samenstelling van de rubberkorrels blijkt dat de chemische stoffen die leukemie of lymfeklierkanker kunnen veroorzaken, er niet (benzeen en 1,3-butadieen) of in heel lage hoeveelheid (2-mercaptobenzothiazol) in zitten. "In het algemeen is er sinds eind jaren tachtig van de vorige eeuw een lichte stijging te zien in het aantal mensen tussen tien en 29 jaar dat leukemie krijgt. Deze ontwikkeling is niet veranderd sinds de kunstgrasvelden in 2001 in Nederland in gebruik zijn genomen."
Het RIVM adviseert wel om de norm voor rubbergranulaat bij te stellen naar een norm die dichter in de buurt ligt van de norm voor consumentenproducten. Rubbergranulaat moet momenteel voldoen aan de norm voor zogenoemde mengsels. De norm voor consumentenproducten is aanzienlijk strenger: deze staat veel lagere (honderd tot duizend maal minder) gehalten aan PAK’s toe dan de mengselnorm. Het gehalte PAK’s van het onderzochte rubbergranulaat ligt iets boven de norm voor consumentenproducten, aldus de RIVM. Momenteel doet het Europese Agentschap voor Chemische Stoffen (ECHA) onderzoek om te bezien welke norm voor rubbergranulaat wenselijk is.
Het RIVM heeft een publieksinformatielijn geopend, T: 0800-0480.