Categorieën

Service

Vrouw moet bezette woonwagenplek verlaten, maar krijgt vier maanden de tijd

Vrouw moet bezette woonwagenplek verlaten, maar krijgt vier maanden de tijd
Wonen

Vrouw moet bezette woonwagenplek verlaten, maar krijgt vier maanden de tijd

Vrouw moet bezette woonwagenplek verlaten, maar krijgt vier maanden de tijd

SCHIEDAM - Een vrouw die met een caravan een woonwagenstandplaats in Schiedam bezet houdt, moet die plek verlaten. Zij vindt dat de gemeente de standplaats aan haar moet toewijzen en voert daarom actie. De rechter geeft de gemeente gelijk over de ontruiming, maar geeft de vrouw aanzienlijk meer tijd dan de gevraagde zeven dagen: vier maanden.

Dat staat in een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. De termijn begint zodra een deurwaarder het vonnis officieel aan haar heeft overhandigd.

De vrouw plaatste op 10 juni een caravan op de standplaats. Achter het raam hing een papier met de tekst: ‘Ik kom op voor mijn rechten Ik demonstreer voor een woonwagenstandplaats’. Een dag later vroeg de gemeente haar te vertrekken. Zij woonde jarenlang op de woonwagenlocatie, maar heeft ook een periode elders zelfstandig gewoond. Inmiddels staat zij weer ingeschreven bij haar ouders. Volgens haar is hun woonruimte te klein. Zij zorgt voor haar kind en verleent mantelzorg aan haar oma.

Juist haar eerdere zelfstandige woonruimte speelt een belangrijke rol in het conflict. Volgens het gemeentelijke beleid krijgen inwonende volwassen kinderen van woonwagenbewoners voorrang, mits zij niet eerder zelfstandig hebben gewoond. De gemeente stelt dat de vrouw daardoor in een andere categorie valt en op plaats 36 staat.

De vrouw vindt dat zij wel voorrang heeft. Ook stelt zij dat degene die volgens haar vóór haar aan de beurt was, van de plek heeft afgezien. De rechter vindt echter dat zij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij als eerste recht heeft op de standplaats.

Persoonlijke omstandigheden meewegen

Haar protest geeft haar volgens de rechter geen recht om de plek voor onbepaalde tijd bezet te houden. Daarmee belemmert zij de gemeente bij de toewijzing en kunnen andere wachtenden de standplaats niet krijgen. Toch hoeft zij niet binnen een week weg. Tijdens de zitting bleek dat de gemeente nog niet was begonnen met het vaststellen wie daadwerkelijk voor de plek in aanmerking komt. Ook ziet de rechter aanleiding voor nader onderzoek naar haar persoonlijke omstandigheden.

De vrouw stelt dat zij destijds vanwege een psychische noodsituatie elders is gaan wonen. De gemeente moet onderzoeken of haar omstandigheden aanleiding geven om van het beleid af te wijken. Daarbij spelen ook haar zorgtaken en de beperkte ruimte bij haar ouders een rol. Verder werd tijdens de zitting nieuw gemeentelijk beleid voor de standplaatsen verwacht.

Over de vraag aan wie de standplaats uiteindelijk moet worden toegewezen, heeft de rechter geen beslissing genomen. De vrouw moet de plek wel binnen vier maanden na de officiële overhandiging van het vonnis leegmaken en leeg houden. Zij moet daarnaast 1.837,02 euro aan proceskosten betalen. De gevraagde dwangsom is afgewezen.