Als de buurvrouw het kan…
- Yvette denkt hardop
- 29-08-2016
- Sport
De meest vreemde sporten passeerden de revue… van BMX tot aan handboogschieten, we vraten alles. Zolang er maar Nederlanders aan meededen. En ook mijn kinderen begonnen er lol in te krijgen. Juichten om het hardst voor alles met een oranje tenue. Het feit dat er maar liefst vier Olympische sporters bijzaten die ook nog eens uit Schiedam komen, maakte het meeleven nog nét iets intenser.
Boksende buuf
Eén van deze Schiedamse Olympiërs woont bij ons in de straat. En deed iets heel bijzonders. Als eerste vrouwelijke Nederlandse boksster had ze zich weten te kwalificeren voor de Spelen. En pakte daar, op het hoogste podium, zilver. Historisch zilver, dus dat moest gevierd. Met de hele buurt zorgden we voor een uitbundig onthaal. De volwassenen gingen met de slingers en ballonnen aan de haal, de kinderen met rood, wit en blauw stoepkrijt. De zwoele zomeravond deed de rest. Het was een warm welkom en onze boksende buuf straalde (zeker voor iemand die net een vlucht van elf uur, een huldiging én een televisie-optreden bij DWDD achter de rug had). Ondanks alle vermoeidheid, deelde ze handtekeningen uit aan de kinderen en ging met hen op de foto’s.Grappig, hoe we daar stonden. Hoe zoiets werkt ook. Plaatsvervangend trots, terwijl we part noch deel hebben gehad aan haar prestatie. Het is de magie dichtbij. Hét voorbeeld dat je, als je een talent hebt én echt, echt heel hard ervoor wilt werken, heel veel kunt bereiken. Dat is voor ons als volwassenen al fantastisch om van dichtbij te mogen meemaken, voor de kinderen was het helemaal het onbereikbare ‘dichtbij’. Want hé, als de buurvrouw het kan. Misschien, heel misschien… Het geeft kinderen het idee dat alles nog mogelijk is voor hen. Hoe toegankelijk en inspirerend wil je het hebben?
Inspirerende voorbeelden van eigen bodem
‘We’ hebben inspirerende en toegankelijke voorbeelden nodig. Nu woont Nouchka toevallig bij ons in de straat, maar Nederland vrat ook van bijvoorbeeld de succesverhalen van een Elis Ligtlee of een Sanne Wevers. Met hun sportieve prestaties inspireerden zij heel veel jongens en meisjes in het land. Zoals ook een Ranomi Kromowidjojo of een Jeroen Dubbeldam lieten zien hoe je tegen teleurstellingen aan kunt lopen in de sportieve strijd. En dat dat niets is om je voor te schamen, want we zijn allemaal maar mens. Noem me een sentimentele dwaas, maar dat vind ik mooi.Begin september beginnen de Paralympische Spelen. Nederland heeft meer dan honderd deelnemers die ons kikkerlandje gaan vertegenwoordigen in Rio. Van atletiek tot aan paardensport en van zwemmen tot aan rolstoelbasketbal. Toch heeft, denk ik, vooraf vrijwel niemand eerder gehoord van Marlou van Rhijn, Alexander van Holk of Lisa den Braber. En nee, de wedstrijden van de Paralympics worden niet live uitgezonden door de NOS. Er wordt geen complete talkshow omheen gebouwd. Het is hooguit een handjevol hoogtepunten dat het journaal haalt.
En dat is niet alleen heel onterecht naar deze topsporters toe, het is ook nog eens een groot gemis voor een hele grote groep kinderen die nu juist zo’n behoefte hebben aan grote voorbeelden. Aan sporters die laten zien dat iedereen, ondanks eventuele beperkingen, heel veel kan bereiken. Hoop geven, inspiratie bieden. Zodat ook deze kinderen, bij het zien van de topprestaties van onze Paralympiërs, zullen denken: “Hé, als de buurvrouw het kan.”