Categorieën

Service

Molenstichting is trots op gerestaureerde Kabouter

Molenstichting is trots op gerestaureerde Kabouter
Uit

Molenstichting is trots op gerestaureerde Kabouter

  • Kor Kegel
  • 07-08-2017
  • Uit
Molenstichting is trots op gerestaureerde Kabouter

De Kabouter vaart naar De Nieuwe Palmboom

SCHIEDAM – De Kabouter kan weer op eigen kracht varen. Met publiek aan boord, want de Kabouter kan worden afgehuurd voor partijen en bedrijfsbijeenkomsten. Met maximaal twintig opvarenden kan de vaartocht dan vanaf de ligplaats bij molen De Nieuwe Palmboom na de Noordvestgracht over de Schie richting Delft of Delfshaven gaan. 
Stichting De Schiedamse Molens juicht toe dat het schip nu ook een publieksfunctie krijgt, zegt directeur Hugo Boogaard.

Eigenlijk heeft de Kabouter een heel andere functie, die de ligging bij De Nieuwe Palmboom verklaart. De molen werd een kwart eeuw geleden weder opgebouwd. Na een brand in 1901 resteerde er van De Palmboom slechts de molenstomp, maar Stichting De Schiedamse Molens wilde er weer een volwaardige, werkende molen van maken, waar graan zou worden gemalen. De Nieuwe Palmboom werd geopend in 1993 en de belangrijkste afnemer van het gemalen graan werd distilleerderij UTO met branderij De Tweelingh.

UTO en de molenstichting zochten een ruimte om het graan op te slaan, maar in de directe omgeving werd deze niet gevonden. Het idee ontstond om voor de opslag een vrachtschip te gebruiken. Distillateur Dick Jansen, tevens bestuurslid van De Schiedamse Molens, kocht het in 1922 in Maassluis gebouwde motorschip Maria Hendrika, dat oorspronkelijk vrachten had vervoerd tussen Middelburg en Antwerpen, maar de laatste tien jaar niet meer op eigen kracht had kunnen varen. Dick Jansen doopte het schip om tot Kabouter, naar het beroemde jenevermerk van UTO – welk bedrijf sinds maart 2011 weer Herman Jansen heet, de oorspronkelijke naam van het familiebedrijf dat in 1777 werd opgericht.  

De Kabouter ligt al in de Noordvestgracht sinds de opening van De Nieuwe Palmboom. Het ruim werd ingedeeld in acht graansilo’s met elk een capaciteit van tien ton. Met een blaassysteem wordt het graan omhoog de molen in geblazen.  

Het schip was wel toe aan revisie. Twee vrijwilligers van De Schiedamse Molens, Paul Nuis en Peter Maarleveld, zagen daar een flinke uitdaging in. Meteen al met het idee dat de Kabouter ooit weer zou kunnen varen. Paul begon met de Lister 1-cilindermotor die het scheepsaggregaat aandreef. Vervolgens stortte hij zich met Peter op de hoofdmotor; een Gardner 6-cilinder van vijftig jaar oud. Zo’n cilinder wordt ook in de Londense dubbeldekkers gebruikt. Ook de stuurhut werd opgeknapt.  

Voor het vaarklaar maken van de Kabouter moest het koelsysteem worden gerepareerd, moesten de lekkages aan de romp worden gedicht en moest de schroefas worden vervangen. Toen Paul en Peter dat voltooid hadden, onderging het schip een keuring door een expert en kreeg het een Certificaat van Onderzoek (CvO), waarmee het voldoet aan de Europese richtlijnen voor binnenvaartschepen. Stichting De Schiedamse Molens is trots dat dankzij Paul Nuis en Peter Maarleveld de Kabouter weer op volle kracht vooruit kan.