Ria Verboom: bron van vreugde in Schiedam

01-05-2020 Gezond Redactie

Ria Verboom met de net geboren kleindochter Dominique


SCHIEDAM – Als er iemand is die voor veel vreugde in Schiedam heeft gezorgd, is het Ria Verboom-van Doren. De verloskundige haalde honderden, nee duizenden kinderen, in de loop van 44 jaar. Daar komen er geen meer bij: zij nam onlangs afscheid van haar werk en haar collega’s bij Aleida, de praktijk voor verloskunde aan het Emmaplein.

“Heel lang heb ik het allemaal bijgehouden in een klein notitieboekje”, vertelt Ria Verboom, tussen de bloemstukken en feestelijke flessen die enkele tientallen mensen die haar uit kwamen zwaaien bij Aleida voor haar meenamen. “Met alle namen en tijden, maar ik ben het ergens kwijtgeraakt.” Tot hoe ver de teller loopt, dat blijft gissen. Maar duizenden moeten het er zeker zijn.

En altijd in Schiedam. Niet gek voor een meisje uit Essen, België. “Pal aan de grens. Ik had daarom altijd al het idee dat ik in Nederland wilde werken. In België ben je als verloskundige de hulp van de gynaecoloog.” Daar wordt en werd immers eigenlijk alleen maar in het ziekenhuis bevallen. In Nederland heb je als verloskundige meer vrijheid en verantwoordelijkheid.

Als meisje van 22 trok ze daarom naar Nederland. “In Essen woonde meneer Peters, een Schiedammer zoals er meer Nederlanders net over de grens kwamen wonen.” En die kende directeur Vlootman van het ziekenhuis. Zo kwam de jonge Belgische in Schiedam terecht, om er nooit meer te vertrekken. Dat zal ook niet meer gebeuren, vertelt Ria. Met vier kleinkinderen in de stad. “En Essen is ook veranderd. Ik kom er nog vaak, voor mijn broers en zussen (Ria was in huize Van Doren een van de zeven kinderen), maar mijn sociale leven ligt hier, in Schiedam.”

Wat zij zich voornam, lukte: Verboom vestigde zich als vrij gevestigde verloskundige. Overigens na vijf jaar in het Noletziekenhuis. Haar Belgische diploma’s, die niet in Nederland geldig waren, kon ze in die periode met veel inzet omwerken en aanvullen met erkenningen en diploma’s die er hier te lande wel toe deden. Zo kwam het aan op een moment dat Ria voor een KNOV-panel (de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen) moest verschijnen, in Utrecht, waar zou worden bepaald of zij het derde jaar van de verloskunde-opleiding in kon stromen. En dat lukte. Het was 1981.

In ‘t Nolet nam mevrouw Margriet Putto haar op sleeptouw, en al snel schopte Verboom het tot haar opvolgster, tot hoofd van de afdeling. Ook lesgeven hoorde al snel tot haar werk.

Maar het was haar man die zei ‘je ging toch naar Nederland om zelfstandige te worden’. En dat had gevolgen. “Ja, hij had gelijk. Maar het was zo’n leuke groep in het Nolet.” Toch hakte de jonge Vlaamse de knoop door. Mevrouw Commijs in de Jan van Zutphenstraat was een van de Schiedamse verloskundigen. “Zij was al dertig jaar bezig. Ze realiseerde zich dat ze ook niet het eeuwige leven had en wilde mij erbij hebben.” Het was nog in de tijd dat je 24 uur dienst had, ‘op en af’.

De andere Schiedamse praktijk, de ‘katholieke’, verbonden aan het Noletziekenhuis, was van mevrouw Van der Linde. Daar ging ongeveer tegelijkertijd Betty Franke aan het werk. De praktijk van Commijs trok ook Arie-Hans Houdijk aan. Zo werden de roots gelegd voor Aleida, dat ontstond in 2001, toen Franke aan Verboom vroeg of samenwerken een optie was. Hetgeen werd bevestigd. Ook Kirsten Dingemans, nu een andere partner in Aleida, was ondertussen de gelederen komen versterken. Later volgden Vivian Jansen en Julia Kok.

In die jaren is er veel veranderd. Het aantal moeders dat thuis bevalt bleef dalen. Schiedam kreeg steeds meer moeders wiens eigen wiegje in andere landen stond, en die hadden zo hun eigen gewoontes. De praktijk van het thuis bevallen is in veel landen onbekend; ook de relatie die met de verloskundige wordt aangegaan gedurende de zwangerschap, na het eerste contact na een week of negen, tien, is in Nederland anders dan elders. Zo ongeveer zeventig procent van de bevallingen die Aleida begeleidt is die van moeders met een buitenlandse afkomst. Zij zijn gewend te vragen om een ruggenprik als pijnbestrijding, en die is alleen maar in het ziekenhuis mogelijk. Nog zo’n tien procent van de bevallingen gebeurt thuis. “Vaak het tweede of derde kindje.”

“Het Nederlandse verloskundig systeem gaat ervan uit dat als het met de moeder fysiologisch goed gaat, dat ze dan gewoon in de eerste lijn, met de verloskundige, kan bevallen”, legt Verboom uit. Pas bij complicaties maakt de verloskundige een inschatting en verwijst naar de tweede lijn, de gynaecoloog. Daarmee werkt de verloskundige nauw samen. “Dat heeft als groot voordeel dat de zwangerschap niet iets medisch wordt”, aldus Verboom. “Je bent niet ziek, je gaat een kind baren.” Maar meer en meer ‘vermediceert’ het krijgen van kinderen dus, een ontwikkeling die Verboom spijt.

In de loop der jaren moet Ria Verboom zo voor duizende en duizende Schiedammers de eerste persoon zijn geweest die zij in hun leven zagen, ook al zullen ze zich dat niet herinneren. “We deden soms wel dertien bevallingen in een weekend.” Gedurende bijna veertig jaar.

Soms ging het natuurlijk ook mis. Ria herinnert zich zowel keren dat het kindje overleed, als dat de moeder de geboorte niet overleefde. Dat waren gebeurtenissen die een diepe indruk achterlieten. Ook emotioneel zijn die momenten dat een kindje niet helemaal gezond geboren wordt. Maar ook op een andere manier emotionele momenten waren er volop: die van vreugde en geluk. “Vaders die flauwvielen”, vormden dan een bron van ontlading.

In haar eigen leven moest Ria in 2012 een groot verdriet verwerken. Haar man John raakte bij een ski-ongeval verlamd. “Hij lag vier maanden in het Erasmus, daarna revalideren in Wijk aan Zee.” Daarna verzorgde Ria hem thuis, anderhalf jaar lang. Terwijl ze doorwerkte in de praktijk. Dat was heel zwaar. Ze ging minder werken, deed haar belang in de praktijk over, maar stopte pas dit jaar, op haar 66ste. John is overleden, Ria ging kleiner wonen, maar kijkt nu uit naar de verhuizing naar een mooi appartement aan de Warande. In Schiedam, dicht bij haar zoons en kleinkinderen. En met al die baby’s die ze zich nog herinnert, en die ze nu soms tegenkomt, als puber of als volwassen vrouw of man. En de rust ‘s nachts, die bevalt vooralsnog geweldig…





Gerelateerd