Categorieën

Service

Uit de CNOR

Uit de CNOR
Wonen

Uit de CNOR

  • Han van der Horst
  • 10-05-2026
  • Wonen
Uit de CNOR

Voetballen in wat nu het Kortlandpark is gaan heten; foto: Ted Konings

COLUMN - Afgelopen donderdag nam ik afscheid van de CNOR, de Commissie Naamgeving Openbare Ruimte, onofficieel aangeduid als de 'straatnamencommissie'. Ik zat daar als afgevaardigde van de Historische Vereniging Schiedam, zij het dat we als leden onze positie bepaalden zonder last of ruggenspraak. Nu ik geen voorzitter meer ben van de HVS, moet ik ook deze zetel opgeven. 

Ik heb er heel veel geleerd. Je komt in zo´n commissie binnen om mooie straatnamen te verzinnen maar dat is eigenlijk bijzaak. Je zit daar met allerlei specialisten van de gemeente en iemand van de brandweer om er voor te zorgen dat iedereen een volstrekt duidelijk adres heeft, waar je zo naar toe wandelt. Hulpdiensten mogen niet in twijfel raken. Daarom hadden we het op onze vergadering een hele tijd over naamgeving en de Schiedamse volkstuinparken. Zat het wel goed? Was elk huisje wel snel te vinden als de nood aan de man kwam? De brandweerman in ons midden legde uit dat er geen problemen waren. We spraken bovendien over bezwaren tegen de nieuwe naam voor het park tussen de Vlaardingerdijk en de Schaepmansingel in Nieuwland. Veel mensen duiden dit aan als Strickledepark. Dat was een informele en geen officiële naam. Toch stelde de CNOR voor het 'Kortlandpark' te noemen. Waarom? Aan de andere kant van de Vlaardingerdijk lag ooit de polder Kortland. En helemaal in de Spaanse Polder ligt nu nog steeds de belangrijke Strickledeweg. Een park en een straat zo ver van elkaar met bijna dezelfde naam, dat schept verwarring. 

Diezelfde verwarring stond centraal in een discussie over een nieuw te bouwen allee met aan een kant enkele pleintjes. Moeten die pleintjes een eigen naam krijgen of kun je ze opnemen in de nummering van de nieuwe allee? De grote vraag is: zijn dan alle adressen aan die pleintjes gemakkelijk te vinden? Wat is de ideale oplossing? Ik moest denken aan wat mij een maand geleden zelf overkwam. ´s Morgens om half acht werd het mij duidelijk dat mijn lief acuut medische hulp nodig had. Er was waarschijnlijk geen minuut te verliezen. Ik belde 112. De eerste vraag is: ¨Wat is Uw adres en uw postcode, als U die weet¨. De telefoniste checkte nog even: ¨Wat ik nu vind, is de Joop den Uyllaan¨. Ik noemde mijn adres nog eens. Daarna kon ik aan iemand van de ambulancedienst uitleggen wat er aan de hand was. Ik had me nog niet aangekleed of de bel ging al. Binnen drie kwartier na het eerste alarm zaten wij in het Franciscus Gasthuis en daar kon meteen radicaal en adequaat worden ingegrepen. Dat kwam omdat de ambulancechauffeur binnen een vloek en een zucht naar mijn exacte adres kon rijden. Als er twijfel had bestaan aan hun kant, was het veel slechter afgelopen.

Dat is de kern van de zaak en afhankelijk van de heldere naamgeving. Ik zou het zelf leuk vinden als de grote geleerde J.M.M. de Groot, Schiedammer en wereldberoemd Chinakenner, een straat kreeg. Maar er is er al een genoemd naar zijn broer M.C.M. de Groot. En dat is vragen om moeilijkheden.

Zulke dingen heb ik allemaal in de CNOR geleerd. Daar ben ik dankbaar voor.